Dag 77 uit een dagboek

Met een hoofd suf van de allergie en bijbehorende pillen werd ik wakker. Onder een laag, zo voelde het. Zo is dat dus als je er niet echt bij bent. Ik bleef nog even liggen met de ramen open en de wind door de kamer. Het is een mooie dag, waarop ik niets hoef. Ik pakte mijn computer voor een meditatie via Gaia. Een documentaire werd mij aangeprezen. Ik klikte op de link die startte met de zin: ‘Iedere dag dat je je hoofd van je kussen haalt, heb je genoeg.’ Met interesse en herkenning bekeek ik de docu. Op een maandag alsof het zondag is. Vanuit mijn bed. Ik kan me niet herinneren, wanneer ik dit voor het laatst deed. Wanneer ik dit überhaupt deed.

Een uur lang keek ik naar de beelden over emoties. Hoe geleerden vertellen dat wanneer je een emotie voelt je hele systeem die frequentie aanneemt. Over hoe gedachten je letterlijk ziek kunnen maken. En hoe 90% van onze energie wordt gebruikt om onze verhalen te onderdrukken. Over hoe we gebouwd zijn voor korte termijn stress en we herinneringen uit het verleden niet kunnen ontkoppelen van gebeurtenissen van vandaag. Het hele lichaam reageert op vroeger bij een emotie van nu.

Ironisch genoeg speelden de emoties in het gezin hoog op, toen ik naar beneden kwam en net voordat we met elkaar gingen ontbijten. Het raakte me enorm, meer dan normaal. Bizar vind ik het hoe een spel op de computer de kinderen zo raakt en hun frequentie beïnvloedt. En wel zo dat dat weer effect heeft om hun omgeving en dus ook op mij. We hadden er een discussie over. Natuurlijk waren ze het niet met me eens. Ik maakte een tekening voor de jongste. Hij begreep het verhaal, de praktijk is anders. We aten samen buiten. Mijn tranen stroomden.

Liever wil ik
dat alles ok is.
Dat er niet wordt
gestreden, gevochten
elkaar pijn gedaan wordt.
Dat er geen geweld is
in het klein
in het groot.
Dat iedereen lief is
voor elkaar.

Voel het,
dan kunnen
we ons hart helen
en echt leven.

Het is 1 juni, de dag waarop de kaders zijn verbreed. Behalve dan in het openbaar vervoer waar we vanaf vandaag een mondkapje dienen te dragen. De andere halve meter policy lijkt de afgelopen dagen verdwenen, zo voelt het voor mij. Er wordt langzaamaan weer ‘gehugd’, alsof het nooit anders was en mensen lopen niet meer in een boog om de ander heen. Als we in de avond over het strand lopen zitten er tientallen mensen op het terras. Zichtbaar genietend. Een gewoon plaatje in juni, ongewoon voor de tijd die we achter ons hebben. Ik ben er blij van, voor de mensen, voor de eigenaren, voor het personeel.

Ik denk aan de afgelopen maanden. Hoe angst is ingesijpeld. En wat dat voor kwaad heeft aangericht. Mensen in zichzelf, tegen elkaar, wantrouwend. Giftig en ongezond van binnen. Als je bedenkt dat gevangen emoties de kern van zo veel problemen in de wereld zijn, dan heeft het het niet beter gemaakt. Hadden we ons maar op iets anders gericht. Was er maar aandacht geweest voor wat wel werkt, voor liefde, voor zorg voor elkaar, voor de zorg voor onszelf. Het was de angst die regeerde. Het leven gaat erover hoe wij reageren.

Ik geef me over. Terwijl ik buiten bij het haardvuurtje zit te schrijven. En de dag overdenk. Met hevigheid, stroming, woorden en ook veel moois in zich. Inzichten, de knuffels, de ondergaande zon. Tijd om hem af te sluiten. Tijd voor een nieuwe dag. Waar alles weer anders is. Waar de jongens weer naar school gaan. Een nieuw begin na een intense tijd met elkaar. Met alle dynamiek, veerkracht, wrijving en liefde die er was. Ik zal dat missen, want dit komt nooit meer terug. Op die manier, uniek. Zo. Samen.