Selecteer een pagina

Van een afstand

Van een afstand sta ik mijzelf de tijd toe om even niet in de actie te zijn. Om te verstillen, te gronden en te voelen wat er echt nodig is. Ik blijf dat ongemakkelijk vinden, want niets doen was nooit de bedoeling. Die woorden over ledigheid staan me nog heel dicht bij. Of de woorden gerelateerd aan de duivel nou letterlijk zo in mijn systeem zijn doorgegeven kan ik me niet herinneren, maar luieren dat zat er bij ons niet in. Dat heeft me veel gebracht, dat heeft veel mogelijk gemaakt, dat heeft me verder doen laten komen. En ook was er een andere kant, van altijd aanstaan en van een schuld en schaamte op niets doen.

Niets doen kan ik dan ook niet zo goed. Toch weet ik inmiddels dat die andere kant ook net zo nodig is. Zoals de beweging in de natuur, van golven, van wateren, van seizoenen die cycli vormen van openen en sluiten, van actie en stilte en dat alsmaar door in een vloeiende beweging. De dynamiek. Na actie is er logisch en nodig rust, reflectie, evaluatie. Niet alleen om op te laden, maar ook voor evolutie, groei en ontwikkeling en als basis en stimulans voor de creatiespiraal.  

Mijn uitdaging met niets doen is twee-ledig. 1. Ik denk altijd wel iets te doen te hebben in de rollen die ik heb 2. Ik ben geprogrammeerd om in actie te zijn. De vraag is of de uitdaging echt twee-ledig is of dat de tweede de overhand heeft en ik de eerste in kan zetten als masker. Want wat is er erg aan in welke rol je je ook begeeft om even uit te schakelen en er even niet te zijn. Ik denk dat dat voor iedereen een heel goed en verfrissend idee is, ook voor mij. En dus ook voor de ander waarmee ik me in welk systeem dan ook begeef.

Dat wetend en met die programmering had ik vroeger soms enige forcering nodig om in de andere stand te gaan. Nu kan ik veel beter aanvoelen of mijn gezonde verstand laten spreken dat het tijd is. 

Zo vertelde alles mij de afgelopen weken dat vertraging nodig was. Ik voelde het heel goed aan, nog zonder de boodschap van mijn lichaam. Geen woorden, geen plannen, geen acties, geen beweging of anders. Verstilling. Zoals je voordat het gaat stormen ook voelt dat het onrustig wordt, of zoals een rivier voordat het echt begint te kolken al anders gaat bewegen. 

Hoezeer ik het ook aanvoelde en kon bedenken toch stond ik in deze week op de eerste  ochtend te twijfelen wat te doen. De computer aan of het bos in? De twijfel duurde zo lang dat de keuze bijna voor mij werd gemaakt, omdat ik even later een belafspraak had. Net op tijd wist ik te schakelen en stapte ik tegen mijn gewoonte  in, in de auto voor een duik in het bos. De keuze voor de auto bleek de juiste, want die bracht mij na het bos langs de zee en naar het strand terwijl ik het geplande telefoongesprek voerde. Toen ik ophing zette ik de auto langs de zee en bekeek ik de woeste golven. Een meeuw landde op de motorkap en keek me indringend aan. Ik stapte naar buiten en liet mij meevoeren door de wind, die zo stevig woei dat ik steviger moest staan, omdat ik anders vallen zou. Gronden, de basis van alles.

Ik lardeerde het niets doen door de dag heen, een paar dagen lang. Door de gesprekken heen die ik te voeren had, de plannen die ik te maken had, het eten dat ik te koken had. En ondertussen voerde ik momenten in, voor extra adem en een extra meditatie. Ik las net wat meer boeken en verhalen en luisterde net wat meer podcasts. Ik liep niet hard en vertraagde in mijn stappen, in mijn woorden, in mijn gedachten. Ik luisterde diep naar de ander, naar wijze woorden, naar pijn en verdriet. Ik las en hoorde mijn eigen woorden en voelde het donker en het licht. Ik probeerde er dieper in te duiken, het te omarmen. Het te begrijpen wat me raakte diep van binnen, het te accepteren en los te laten, in het geheel of dat wat ik bij de ander te laten had.

Van een afstandje kijk ik om me heen. Alsof ik droom, alsof ik gedroomd heb. Wat is er gebeurd in de wereld, wat is er in hemelsnaam aan de hand? Wat is er nodig en wat is mijn volgende stap. Welke keuze heb ik te maken?

Ik vertrouw er op dat dat goed is en dat daar iets goed uitkomt, ook al weet ik nog niet wat dat is. Ik ben daar helemaal oké mee, kan dat accepteren. Tot die tijd baad ik mij in een ruimte van kwetsbaarheid, van zachtheid, van veerkracht en moed en laat ik dat ook van binnen toe. Wat is er allemaal te openen als dat de basis is van vandaag en morgen. Voor mij, voor jou, voor de wereld? Wat zal er dan allemaal mogelijk zijn.

Van een afstand is er zoveel zichtbaar. Van een afstand, zo dichtbij.